39 keer bekeken

Mediëvisten-quotes

  • dinsdag 02 oktober 2018 @ 10:56
    #2
    reactie op (#1) Calamandja

    Het is dan Maarten Luther die het bed opschudt en zijn kijk op de Verlossingstheorie geeft:

    "alleen God kan je voorbereiden, je genade schenken en je redden" en de aflaten-praktijken

    in bijzonder de St. Pieteraflaat van Albrecht van Mainz en Leo X, welke werd uitgevoerd door de

    bankier Fugger aan de kaak stelt: de aflaat kan alleen de straf kwijt schenken, niet de zonden !

    (Craig Harline: wereld in wanorde, Maarthen Luther en de geboorte van de Reformatie).

    onderschrift.jpg

  • maandag 01 oktober 2018 @ 17:18
    #1

    Enkele quotes m.b.t. het aanzienlijke aantal omvangrijke bezitsoverdrachten post mortem bij testament in de middeleeuwen (tot ongeveer de 15de eeuw) waarbij slechts een fractie van het voorvaderlijke bezit aan de bloedverwanten kwam; de rest ging naar de Kerk en haar vrome stichtingen.

    De mediëvist Jacques Le Goff schrijft hierover het volgende (in 'De cultuur van middeleeuws Europa')

    "Als we niet goed voor ogen houden hoe zeer de middeleeuwse mens door de redding van zijn ziel en de vrees voor de Hel in belsag werd genomen, is zijn mentaliteit niet te begrijpen en blijft men verbijsterd over een dergelijke verzaking alle inspanningen van een werkzaam leven, het loslaten van macht en rijkdom, die de vermogens een zeer grote flexibiliteit geeft en duidelijk maakt hoe ook zij die in de Middeleeuwen het meest begerig zijn naar aards bezit, uitenindelijk toch altijd de ereld verzaken, zij het in extremis. Deze instelling staat de opeenhoping van vermogen in de weg en draagt ertoe bij dat de middeleeuwse mens verre blijft van de materiële en psychologische omstandigheden die leiden tot het kapitalisme"

    De mediëvist Jacques Heers ziet in deze omvang van de schenkingen één van de oorzaken van de economische instorting van de 14de-eeuwse adel. De edelman "verarmt zijn erfgenamen door zijn vrome stichtingen en liefdadige werken: legaten voor armen, ziekenhuizen, kerken en religieuze orden, missen voor zijn zielerust die bij honderden en duizenden tegelijk worden geteld". Voor J. Heers is deze houding vooral karakteristiek voor een bepaalde stand en niet een algemene voorkomende instelling. "De weigering te sparen en rekening te houden met de toekomst van de naaste verwanten zijn beide een teken van een standsmentaliteit die in een wereld waar de handel volop bloeit, verouderd lijkt"

    De kooplieden hadden echter dezelfde gewoonten. De mediëvist Armando Sapori legde in 1926, naar aanleiding van zijn studie over de koopmansfamilie Bardi uit Florence, reeds de nadruk op "het dramatische contrast tussen het dagelijks leven van deze vermetele, vasthoudende mannen die een immens fortuin wisten te vergaren en hun angst voor helse straffen omdat ze hun rijkdom op een bedenkelijke manier hadden verkregen".

    Bron: Philippe Ariès, "Het uur van onze dood"