Geplaatst op dinsdag 20 december 2011 @ 23:58 , 926 keer bekeken

De Middeleeuwen werden in de 18e eeuw een bron van nationale mythen, als verzet tegen de Verlichting. Nu is het weer een barbaars tijdperk.
In 1760 publiceerde de Schotse geleerde James MacPherson een opmerkelijke literaire vondst. Tijdens zijn reizen door de Schotse hooglanden had hij fragmenten opgetekend van oeroude Keltische poëzie. In die woeste streek zongen de boeren nog de liederen van Ossian, zoon van koning Fingal. Ossian bezong de heldendaden van zijn voorouders in duistere, droefgeestige verzen. Niemand had ooit van Ossian gehoord, en de ontdekking sloeg in als een bom. Er brak een ware Schotse rage los, in heel Europa, die ook niet overging. Zelfs niet toen duidelijk werd dat MacPherson die ‘oeroude’ gezangen voor het grootste deel uit zijn duim had gezogen. Het was zijn manier om te protesteren tegen de ondergang van het Schotse platteland door de industriële revolutie. Een aanklacht tegen de allesverslindende Verlichting. Die boodschap kwam aan. Iedereen was het erover eens dat Ossian de vergelijking met Homerus gemakkelijk kon doorstaan. Er was dus méér dan de klassieken. Er waren nog de Middeleeuwen.
De tweede helft van de 18e eeuw betekende het hoogtepunt van de Verlichting – en tegelijk werd het einde zichtbaar. Natuurlijk had de mens behoefte aan vrijheid en moest hij zich kunnen ontplooien. Maar hij had ook andere behoeften: echtheid, eigenheid en gemeenschap. Zoals Peter Raedts constateert in De ontdekking van de Middeleeuwen, wil de mens deel uitmaken van een groter geheel, van zijn volk of een religieuze gemeenschap.
Nationale roots
Er verscheen een nieuwe generatie dichters en filosofen die op zoek ging naar nationale roots. Die waarschuwde dat een volk dat zijn wortels niet respecteert, dat alleen de klassieken leest en alleen Frans ‘beschaafd’ vindt, gedoemd is ten onder te gaan. Hun zoektocht eindigde in de Middeleeuwen. Britten, Fransen, Duitsers, Italianen – iedereen ‘ontdekte’ rond 1800 zijn oorsprong in de Middeleeuwen. Oude manuscripten werden afgestoft; oude helden op een sokkel gezet en de gotiek, de bouwstijl van de Middeleeuwen, werd nieuw leven ingeblazen.
Het enige land dat niet aan deze rage meedeed (Raedts besteedt er een apart hoofdstuk aan: ‘Uitzondering’) was Nederland. Begin 19e eeuw werden enkele schuchtere pogingen gedaan om een nationaal-middeleeuws verleden te scheppen, maar die liepen op niets uit. Orthodoxe protestanten beschouwden de Tachtigjarige Oorlog als het moment waarop de natie was ontstaan, en weigerden enig belang te hechten aan de (katholieke) Middeleeuwen. Toen de katholieke emancipatie op gang kwam, en de katholieken zich de Middeleeuwen toe-eigenden als hún gouden tijdperk, was het voor het weldenkende deel der natie al helemaal onmogelijk om deze periode te ‘ontdekken’. Nederland was, constateert Raedts, religieus té diep verdeeld om vanuit de Middeleeuwen een nationale mythe te scheppen.
Een bron van mythen – dat waren de Middeleeuwen. De ‘ontdekking’ ervan heeft niets te maken met enige groei van onze kennis omtrent dat tijdperk, maar alles met het verzinnen van een verhaal tégen de Verlichting, tegen de verering van ‘de mensheid’, tegen de ratio – kortom, tegen de moderniteit. Dat verzet bereikte een bloedig hoogtepunt met het nazistische Derde Rijk. Sindsdien is verlangen naar een glorieus middeleeuws verleden hier taboe, en zijn de Middeleeuwen morsdood. Wie nu Middeleeuwen zegt, denkt aan computerspelen en tv-series, aan fantasy en magie. Het is in de collectieve verbeelding weer een barbaars tijdperk geworden.
Raedts hoopt dat we de Middeleeuwen ooit opnieuw kunnen ‘gebruiken’, niet als mythisch verleden, maar om te leren hoe we als mensen om kunnen gaan met onze kwetsbaarheid – want dat was de middeleeuwse mens: uiterst kwetsbaar. De Middeleeuwen herinneren ons aan de morele plicht om, ondanks die kwetsbaarheid, altijd te trachten rechtvaardig te zijn en waar mogelijk, hoe tijdelijk ook, orde te scheppen. Een mooie droom. Maar waarschijnlijk zijn de Middeleeuwen als inspiratiebron voor eeuwig verloren.
Peter Raedts, De ontdekking van de Middeleeuwen. Geschiedenis van een illusie. Wereldbibliotheek, 29,90.
Peter Raedts over zijn boek op de VPRO
Welkom bij Clubs!
Kijk gerust verder op deze club en doe mee.
Of maak zelf een Clubs account aan:
Aanbevelingen door leden:
bernard-de-clairvaux



Een geweldige community over de middeleeuwen in al haar facetten. Boeken, tentoonstellingen, steden en discussies met diepgang en humor. Een Vlaams-Nederlandse samenwerking van historisch niveau!