Geplaatst op zaterdag 07 april 2012 @ 12:40 , 1355 keer bekeken
Als we het museum 1302 betreden dan treedt de levensgrote afbeelding van volgende miniatuur ons aan de ingang tegemoet. Dit is een belangrijk en betrouwbaar document met betrekking tot o.a. de slag bij Kortrijk.
De blinde Gilles Li Muisis, abt van de Sint-Maartensabdij van Doornik dicteert zijn traktaat aan monnik en kopiist Jacques Muevin. (klik op het plaatje voor een vergroting)
Gilles Li Muisis werd geboren in januari 1272 in Doornik. Zijn familie maakte er deel uit van de gegoede stedelijke burgerij. De kleine Gilles genoot dan ook het voorrecht school te mogen lopen aan de kloosterschool van de Sint-Maartensabdij van Doornik. In november 1289 legde hij er als jonge benedictijnernovice ook zijn geloften af. Gilles liet zich omwille van zijn organisatorische talent al snel opmerken binnen de kloostergemeenschap. In april 1331 werd hij er dan ook als abt of hoofd van de abdij verkozen. Hij slaagde er tijdens zijn ambttermijn in de eerdere luister van de abdij deels in ere te herstellen en pakte er ook de penibele financiële situatie aan. Gilles Li Muisis overleed in de abdij op 15 oktober 1552.
Tijdens zijn leven schreef Gilles Li Muisis verschillende werken. Zijn moraliserende en religieuze poëzie vormen onze voornaamste historische bron wat betreft biografische gegevens omtrent Gilles Li Muisis. Binnen zijn geschiedkundig oeuvre is vooral het werk Tres tractatus (operum pars prima) , dat bewaard wordt binnen de Openbare Bibliotheek Kortrijk, van blang voor de geschiedenis van onze gewesten. Dit manuscript bestaat uit drie delen en vormt zelf het eerste volume van een corpus, waarvan het tweede deel wordt bewaard in de Koninklijke Bibliotheek te Brussel. Deze twee handschriften worden vaak samen het Chronicon majus van Gilles Li Muisis genoemd. Het handschrift dat in Kortrijk wordt bewaard bevat zes miniaturen. Het derde deel van dit handschrift, tertius tractatus , bevat een kroniek van het graafschap Vlaanderen en de omliggende gebieden voor de periode 1294 tot 1348. Het vormt dan ook een belangrijke historische bron voor onze kennis van de Frans-Vlaamse Oorlog en de eerste fase van de Honderdjarige Oorlog.

Op de afbeelding herkennen we abt Gilles Li Muisis zelf (met staf) en zijn secretaris Jacques Muevin. We zien hoe Gilles het relaas van de feiten die zich enkele decennia eerder hadden voorgedaan, dicteert aan Muevin, die de redactie van het werk op zich nam. Sinds 1345 moest Gilles immers afrekenen met de oogaandoening cataract. Ondanks enkele riskante maar succesvolle oogoperaties werd de abt uiteindelijk echter volledig blind, waardoor hij niet langer in staat was zelf te lezen of te schrijven. Beide monniken dragen een zwart habijt en een tonsuur of kruinschering. Deze typerende haardracht is bedoeld als symbool van hun toewijding aan God. Ook de sobere klederdracht van de geestelijken vormt een verwijzing hiernaar.
----
In de kroniek van Gilles li Muisis, de abt van de abdij van Saint-Martin in Doornik, staat de ontreddering beschreven van de Franse ridders die terugkeerden van Kortrijk. Zij hadden een nederlaag opgelopen die ze zich nooit hadden kunnen voorstellen. Het getuigenis van de abt wordt als een middeleeuwse versie van CNN de leidraad van de multimediale presentatie in de Groeningeabdij.
Gilles Li Muisis, abt van de Sint-Maartensabdij van Doornik richt zich tot de leden van zijn kloostergemeenschap. (klik op plaatje om te vergroten)
Deze miniatuur vormt een illustratie bij de aanvang van het tweede luik (tractatus secundus) van het handschrift. In dit deel behandelt Gilles Li Muisis de dagelijkse gang van zaken in de abdij en de regels die de monniken hierbij moesten naleven.
Op de afbeelding herkennen we opnieuw Gilles Li Muisis, abt van de Sint-Maartensabdij van Doornik, die leden van zijn kloostergemeenschap toespreekt. De verschillende voorwerpen die in de miniatuur worden afgebeeld, verwijzen naar de belangrijke symbolische betekenis van deze handeling. De perkamentrol verwijst naar de Regel van Benedictus (Regula Benedicti). Ora (bidden) en labora (werken) vormden de twee vuistregels van deze 6de eeuwse kloosterregel. Aan werk was er in de abdij geen gebrek: benedictijnerabdijen dienden volledig zelfvoorzienend te zijn en beschikten onder andere over eigen akkers, een molen, een bakkerij en een scriptorium. Het werk werd zeven keer per etmaal onderbroken om samen te bidden. Gehoorzaamheid, armoede en nederigheid vormden de belangrijkste deugden voor een benedictijnermonnik. De sobere klederdracht van de monniken weerspiegelt dit streven naar eenvoud en een leven ten dienste van God. Zowel de abtszetel opgetrokken uit blauwe Doornikse kalksteen en de kromstaf met sudarium of zweetdoek die Gilles Li Muisis in de hand houdt verwijzen dan weer naar de gezagspositie van waaruit hij zijn monniken toespreekt. De monniken zelf zijn zonder onderscheid gegroepeerd en lijken aandachtig te luisteren, ne te denken en te interpreteren.
Welkom bij Clubs!
Kijk gerust verder op deze club en doe mee.
Of maak zelf een Clubs account aan:
Aanbevelingen door leden:
bernard-de-clairvaux



Een geweldige community over de middeleeuwen in al haar facetten. Boeken, tentoonstellingen, steden en discussies met diepgang en humor. Een Vlaams-Nederlandse samenwerking van historisch niveau!